Geschiedenis

Landhuis De Oliphant is een gebouw met een rijke historie.
In 1591 gaf Cornelis van Coolwijk opdracht voor de bouw van een 'boerenbehuizinge' in de nieuw bedijkte polder bij de Nieuwe Sluis op het eiland Voorne. Het pas op het water veroverde land dat hij zojuist had gekocht, wilde hij als landbouwgrond gaan exploiteren. Hij liet het land bewerken door een boer, aan wie hij zijn landgoed verpachtte. Van Coolwijk woonde in Delft 'In de Gulden Olyphant'. Hij zou actief geweest zijn in de lucratieve ivoorhandel en als rentmeester had hij belangen op Voorne.
Zijn nieuwe boerderij moest met het achtkantige torentje op een kasteeltje lijken en zo zijn invloed en aanzien nadrukkelijk zichtbaar maken. De bouwtrant van een ridderhofstede suggereerde eveneens dat de bezitter afstamde van een oud en edel geslacht. Ook aan de nieuwe lege polder verleende het middeleeuws aandoende bouwwerk een quasi 'historisch' tintje. De pretenties van de bouwheer werden bovendien uitgedrukt in de gevelsteen in de vorm van een gotische spitsboog boven de toreningang, waarop een olifant met een burcht op de rug is afgebeeld.
Deze afbeelding komt in de Nederlandse heraldiek niet voor. De gouden wapens met een lange zwarte punt in het midden, die in de twee hoeken van de gevelsteen staan, kunnen evenmin aan Van Coolwijk worden toegeschreven.
De symbolische betekenis van deze voorstelling lijkt echter duidelijk: de winst die Van Coolwijk op het ivoor maakte, vormde immers de drager van zijn beleggingen in onroerend goed. De olifant werd bovendien geassocieerd met triomf en faam, begrippen waaraan ook de trompetvorm van de slurf doet denken. De herkomst van de naam 'De Oliphant' is hiermee eveneens verklaard.

Na van Coolwijk heeft de statige boerderij vele vooraanstaande eigenaren gekend, onder wie de Heren van Heenvliet en Oudenhoorn en opvallend veel vrouwen, die het goed erfden. Ook de pachtboeren ontleenden de nodige status aan de allure van hun boerderij.
Hoewel er zomers op De Oliphant altijd wel een 'herenkamer' als logeerruimte voor de pachtboer en zijn gezin beschikbaar zal zijn geweest, liet in 1772 de toenmalige eigenaar de boerderij verbouwen en uitbreiden tot een buitenplaats, een zomerverblijf dus voor zijn eigen familie.
In de 19e eeuw fungeerde De Oliphant een tijdje als permanente ambtswoning van de amdachtsheer en burgemeester van Zwartewaal. Daarna kwam De Oliphant in eigendom van een melkfabriek en werd als zodanig ook gebruikt. Verschillende keren werd het voortbestaan van het historische monument bedreigd; door de aanleg van het Voornse kanaal in 1827, tijdens de Tweede Wereldoorlog, door de Watersnood van 1953 en later door de industrialisatie op Rozenburg. Sloop werd meermaals overwogen, doch liefhebbers van historisch erfgoed wisten dit telkens te voorkomen. In handen van notaris Korteweg onderging het landhuis in 1929 een grondige restauratie. En in 1975 werd het monument opnieuw gered door het in zijn geheel te verplaatsen naar Charlois op IJsselmonde.
Op de huidige standplaats aan de Kromme Zandweg was toen net een historische boerderij afgebrand. De Oliphant is zodoende een van de weinige nog bestaande kasteelachtige hofsteden uit de 16e eeuw (Bron Willy Spaan).